Recensie: Bonnie ‘Prince’ Billy – Singer`s Grave A Sea Of Tongues

BonniePrinceBilly-SingersGraveSinger`s Grave A Sea Of Tongues
cd-album
Domino records
4,5 sterren

Will Oldham, de excentrieke singer-songwriter uit Kentucky, is al bijna zestien jaar onder zijn alter ego, Bonnie ‘Prince’ Billy, en soms onder de noemer Palace te vinden in de platenbakken. Alle drie de persoonlijkheden zijn zowel onderdeel van hem als ook een eigen figuur, met de bijbehorende onderlinge muzikale verschillen. Deze muzikale drie-eenheid maakt het de recensenten en muzikale pers overigens niet gemakkelijk. Hij staat er namelijk om bekend rustig en ontwijkend te zijn tijdens interviews en laat zelden een glimp zien van hoe hij is als persoon. Wat de mystiek rond zijn figuur natuurlijk alleen maar vergroot.
Bonnie ‘Prince’ Billy heeft zowat ieder jaar wel een album of EP uitgebracht. Dit kon hij doen omdat hij eigenlijk weinig aan promotie doet voor zijn nieuwe releases. Niks geen lange tournees of interviewrondes. Nee, Will Oldham duikt het liefst gelijk weer de opname studio in om een volgend album creëren. Waarbij hij ook geregeld songs van anderen bewerkt. Zo werden nummers van Surfjan Stevens, Fleetwood Mac en de Everly Brothers al door hem gecoverd. Maar zelf ligt hij ook goed in de smaak want onder andere Johnny Cash, David Gray, en Snow Patrol coverde zijn songs.

Ditmaal heeft hij wel wat langer de tijd genomen en moest zijn trouwe achterban drie jaartjes wachten op Singer’s Grave A Sea Of Tongues, met als resultaat een album met voornamelijk covers van Wolfroy Goes To Town uit 2011. Iets dat hij al eens eerder heeft gedaan met Sings Greatest Palace Music uit 2004. Ditmaal vult hij de spaarzame arrangementen van de originelen op, door het toevoegen van vleugjes blues, country en folk in bezielde, beklijvende melodieën . Treurige en onheilspellende lap pedal steel gitaren, gospel zangers, en violen geven gewicht en focus aan Billy’s donkere poëzie, die hij levert via zijn onmiskenbare fragiele tenorstem.

De geregeld met Leonard Cohen en Neil Young vergeleken artiest komt nu ook weer met krachtige muziek gevuld met intelligente, poëtische teksten die graven in de complexiteit van het leven – seks, dood , geloof , verdriet, vreugde. Waarbij hij het ene moment een wrange glimlach oproept, en in het volgende grote zorgen en sombere gedachten uit.

De arrangementen van de oude songs zijn een stuk uitgebreider dan op Wolfroy Goes To Town. De simpele akoestische gitaar krijgt hier gezelschap van alles dat je maar van een Americana band mag verwachten. Pedal steel, fiddles, banjos, mandoline, ukelele en de prachtige ondersteunende stemmen van gospelzangeressen Ann en Regina McCrary. Met als resultaat een voller, gladder en sierlijker geluid. De songs zijn bijna onherkenbaar, maar nog wel helemaal in de zuidelijke Bonnie “Prince” Billy stijl.

Van de elf tracks zijn slechts de laatste twee nieuw. ‘New Black Rich (Tusks)’ een instrumenteel klein gehouden tune maar in het oor springend door Scruggs ‘ mandoline en een vernietigend mooie viool solo van Billy Contreras en ‘Sailor’s Grave A Sea Of Sheep’ waarin Billy met zijn gruizige stem de aanvaarding van zijn lot bezingt “It’s OK / This is done, let it be so / And now you can let me go”, omgeven door schuifelende percussie en grimmige piano akkoorden. Het is de perfecte manier om het album, die niet gemakkelijk door te komen is voor mensen die uit de buurt van de mentale afgrond willen blijven . Maar voor degenen die genieten van donkere nachten van de ziel, zijn er weinig betere keuzes dit jaar.

Oorspronkelijk geschreven voor en gepost op FestivalInfo

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s